jun 09 2010

Aangeharkt Industrieel Erfgoed

Geschreven door Frank Welgemoed

Het is ook nooit goed. Dan wordt er in Duisburg aan herbestemming gedaan, vind ik het weer veel te netjes.

Ik ben onlangs bij de Binnenhaven Duisburg op bezoek geweest en weet eigenlijk niet zo goed wat ik er mee aan moet.
Het is niet zozeer de nieuwigheid van de gerestaureerde panden, dat gaat wel weer over op den duur.
Maar het is weer die vermaledijde ‘touch’ van de (landschaps)architecten, die blijkbaar nooit iets anders kunnen bedenken dan het soort cleane omgevingen, die er uit zien als de stijfheid die je creëert met legoblokjes (Misschien is het wel niet zo toevallig dat ook Legoland in de haven zijn intrek heeft genomen!?). Opgeruimd, ontworpen op de tekentafel. In ieder geval zoals een haven er nooit heeft uitgezien en nooit uit zal zien, het doet nauwelijks denken aan industrie. Elk smetje weggepoetst of op voorhand uitgesloten.
Lees verder en reageer!

Een dag later kwam ik bij Zollverein in Essen. Daar ben ik eind jaren 90 voor het eerst geweest. Ik schrok me rot.
Toen had het nog iets van de rauwheid van wat aan de oorspronkelijke functie van het terrein herinnerde en aan het werk van de mensen.
Nu is het ten offer gevallen aan landschapsarchitecten (zoals ik dit soort dingen altijd noem; Leren ze dat soort aangelegde ‘schoonheid’ nou bij hun opleiding of is het een kwestie van talentloosheid?) en is  alle rauwheid gepolijst, alles aangeharkt en kunnen de toeristen komen. Industriële relicten dienen slechts als achtergrond en vertellen niet meer hun eigen geschiedenis.
(Zo las ik bijvoorbeeld in een boek over de ‘Mensen van de Zollverein’ over de machinale hamer die in het spoorgebied geplaatst is naast de voormalige Kolenleeshal, maar het bijbehorende aambeeld heeft men elders op het terrein geplaast, zonder enige samenhang. Gewoon 2 ‘leuke’ zware objecten)
Echt stuitend vond ik het plaatsen van een parkeerterrein midden op de locatie, waarschijnlijk voor de luie toerist, die wel wil zien en niet wil lopen. Dat vind ik echt te gek voor woorden.

Er is spraken van de tegenstrijdigheid dat je enerzijds blij moet zijn dat zoveel mensen de omgeving bezoeken maar dat je anderzijds de authenticiteit kwijtraakt.
(Het doet me denken aan mijn jeugd als ik een nieuw band had ontdekt, een ruwe diamant. En als het grote publiek de band ontdekte veranderde de muziek, werd het oppervlakkiger en makkelijker te consumeren. En misschien speelden ze objectief gezien nog steeds goede muziek, maar voor mij was het te weinig, vergeleken met wat ik heb gezien en wat ik verwachtte.)

Als ik in de avond op een terras in de Binnenhaven van Duisburg zit is dat waaraan ik zit te denken. Moet ik blij zijn met wat het nu is, dat zo velen deze omgeving, de gebouwen, kunnen zien, zelfs als ze niet denken aan dat wat ik graag zou willen, aan de mensen die er werkten.
Kijk ik te veel met de ogen van een ‘deskundige’?

En als ik dan later thuis naar een gekochte DVD zit te kijken met een filmpje van de nieuwe museum Kuppermühle en de architect nooit iets hoor zeggen over wat er vroeger in het gebouw gebeurde, maar alleen maar praat over vormen, volume, enz. dan raak ik nog meer in verwarring (ik zeg vaak dat ik zelden een architect ontmoet heb die werkelijk geïnteresseerd is in cultuurhistorie, iets waarmee ik me niet populair maak bij architecten. Maar ik krijg vaak wel herkenning van mensen die in cultuurhistorie geïnteresseerd zijn en vaak te maken hebben met architecten die slechts kunnen praten over  materiaalgebruik, volumes etc. als het over industriële gebouwen gaat).
En ook de kunstenaars van de werken in het museum zijn zo blij dat alles aan de binnenkant van het gebouw verdwenen is en aan hun wensen is aangepast. Dan denk ik ‘waarom hebben ze niet ergens een nieuw gebouw gebouwd voor het museum en hebben ze voor dit gebouw niet een functie gezocht waarbij het gebouw meer met behoud van zijn eigen waarden gebruikt had kunnen worden. Maar misschien was het gebouw anders niet ‘gered’’?

1)2)3)

1)Nette nieuwbouw, zelfs de boompjes lijken niet echt
2)Moderne architectuur aan de overkant
3)’Vijf Boten’ van de architect Nicholas Grimshaw

Toen ik dit zo aan het overdenken was dacht ik aan een oproep die ik een tijdje geleden had gezien van Harald Finster, een bekende fotograaf en kenner van het industrieel erfgoed in Duitsland, over de cultuurloosheid van Cultuurhoofdstad Ruhr2010
Bij het nalezen van zijn tekst op zijn website had ik het idee dat we eigenlijk over hetzelfde spreken.

Navragend bij hem bleek dit inderdaad het geval te zijn. Hij trekt het in zijn artikel wat breder politiek, ook daar kan ik hem grotendeels in volgen.
Ik heb zijn artikel “Un-Kulturhauptstadt RUHR 2010“, met zijn toestemming, in het Nederlands vertaald voor degenen die de Duitse of Engelse taal niet machtig zijn.
Lees de Nederlandse vertaling “Un-Kulturhauptstadt RUHR 2010 : Vernietiging van het Cultureel Erfgoed door de „Culturele Hoofdstad van Europa – RUHR 2010” (PDF)

Ik zou het heel fijn vinden als jullie op dit artikel willen reageren, want soms vraag ik me af : “Ligt het nou aan mij of herkent iemand dit?”

3 reacties op “Aangeharkt Industrieel Erfgoed”

  1. Beste Frank, ik onderschrijf veel van wat je aandraagt en schrijft.
    Samen met een aantal mensen van Stichting Magdalena maak ik een presentatie voor de Dag van de Architectuur, 27 juni, over onze visie op het hergebruik van de Gemeentewerf in Hilversum.
    We zijn daar op een laat moment voor gevraagd en zouden graag met je van gedachten wisselen om op korte termijn tot een nog meer gefundeerd plan te komen.
    Zouden we je daartoe deze of volgende week in de voormalige Campina Melkfabriek aan de Larenseweg 32, één van onze huidige werkplaatsen, mogen ontvangen.

    Graag je reactie,

    Geert van Dorp 06 29437923

  2. Overschot van gelijk… maar voorspelbaar met de hele heisa rond RUHR2010… Zollverein is het slachtoffer van zijn eigen succes. De chaotische parkings vol dagjesmensen hebben langs de andere kant ook een (zekere) charme. Picknickende mijnwerkerszonen en -dochters, die er de luiers verversen van hun kroost, schreiend en briesend “Mutti, ich will keine Zechen mehr sehen, ich will rodeln” (niet beseffend dat dit rodelen gebeurt op voormalige mijnterrils !!) ook dat is industriële cultuur !!!

  3. Frank, ik ben het grotendeels met je eens. Ik zie oude fabrieken het liefst staan met de originele machines er nog in, waarbij het lijkt alsof er na de laatste dag productie niets is veranderd.
    En een licht verpauperde toestand in een rommelige omgeving geeft een bijzondere sfeer.

    Aan de andere kant: 100x liever een toeristenattractie dan sloop. Verder is een locatie als Zollverein zeer geschikt om ambtenaren naar toe te sturen die geen oog hebben voor industrieel erfgoed.

Laat een reactie achter