Zoek
Berichten Archief

Archive for the ‘Industrieel Erfgoed en Oorlog’ Category

Plaquette N.S.F. gestolen van begraafplaats

Het is te triest voor woorden dat mijn eerste berichtje na de vakantie moet gaan over bronsdieven, die de N.S.F. plaquette gestolen hebben van de historische begraafplaats in Hilversum ‘Gedenk te sterven‘.

Zie bericht ‘Bronsdieven slaan toe op begraafplaats‘ op de website van de Gooi- en Eemlander.

De plaquette, ter herinnering aan 8 werknemers van de NSF, die als gevolg van verzetswerk in WO II zijn omgekomen, had sinds 2010 een plaats op de begraafplaats, nadat het vroeger op het terrein van de NSF-fabriek een plek had.

Boekbespreking ‘Rotterdam Oorlogshaven’

Door de eeuwen heen is altijd al gebleken dat ondernemers er niet gauw principes op na houden als er geld te verdienen valt.

In de 80-jarige oorlog werd er wapentuig verkocht aan de Spanjaarden, in de tijd van de slavenhandel maakte het ‘ons’ niet uit of we goederen of slaven moesten vervoeren en in de eerste wereldoorlog waren ‘we’ er niet vies van grof geld te verdienen aan de oorlogsellende van de ons omringende landen.

Dat er ook in Nederland in de Tweede Wereldoorlog in de Rotterdamse haven flink werd verdiend aan de handel met de Duitsers wordt in het boek ‘Rotterdam Oorlogshaven’ pijnlijk duidelijk.
Rotterdam leverde een dubieuze bijdrage aan voor oorlogsdoeleinden omgebouwde vaartuigen. De rederijen speelden soms een dubbele rol met aan beide zijden schepen in de vaart. De directies van de werven toonden, op een enkele uitzondering na, weinig weerstand toen zij voor de vijand moesten gaan werken.
Na de crisis van de jaren 30 waren ze maar al te blij met de opleving van hun bedrijfstak tijdens de oorlog.

De Duitse marine speelde een belangrijke rol in de oorlog, zelfs bij de slag om Arnhem, met Rotterdam als schakel.

‘Rotterdam Oorlogshaven’ is met nadruk niet bedoeld als aanklacht. Het boek schept in vele tinten grijs een genuanceerd beeld van de Rotterdamse Haven in de jaren ’40 – ’45.
Ook is er geen sprake van vergoelijking, want de schrijver, Jac. J. Baart, toont geregeld zijn (in mijn ogen terechte) irritatie over de manier waarop bijvoorbeeld de reders en werven zichzelf na de oorlog trachtten vrij te pleiten, door hun bijdrage aan de krijgshandelingen te bagatelliseren. Regelmatig stipt hij aan dat er met de schepen, die op de Rotterdamse werven in de oorlogsjaren voor de Duitsers gebouwd werden, vele Nederlandse zeelieden zijn omgekomen.

Je kan niet van iedereen een heldenrol verwachten, de meeste mensen trachtten louter met hun familie de oorlog te overleven, zoals jij en ik waarschijnlijk ook zouden doen.
En zoals bij de entree van het boek al wordt gezegd ‘maar weinig helden hebben de oorlog overleefd’.

Het boek is een weergave van een jarenlange studie van de auteur, de amateurhistoricus Jac. J. Baart, en vormt een wezenlijke aanvulling op de Rotterdamse geschiedschrijving. Er komen vele nieuwe feiten aan het licht en de activiteiten van de scheepsbouwers, die altijd wat verdoezeld zijn geweest, worden nu in alle openheid belicht; een onaangename, decennialang door maritieme historici doodgezwegen waarheid over de bedrijfstak, die voor de bezetter van het grootste belang was en in Nederland ook de meest omvangrijke militaire bijdrage leverde.
Voor de scheepsbouwers in Rotterdam en omgeving waren de oorlogsjaren een periode van hoogconjunctuur!

In het boek wordt na een introductie over de haven zelf, aandacht besteed aan de organisatie van de diverse Duitse afdelingen die de oorlogsindustrie moesten ondersteunen. Daarbij komen ook de onderlinge spanningen tussen de politiek en de strijdkrachten aan de orde.
Het boek geeft daarbij ook een kijkje in de grillen van de Duitse marine en de inefficiëntie van haar industrie.

Er wordt ingegaan op de geleverde schepen en hun lotgevallen. De opsomming van de boten is soms wat moeizaam te lezen, maar het geeft wel een goed overzicht van de hectische situatie in de oorlogsjaren.
Ook is er aandacht voor verzet op de werkvloer, die sommigen fataal werd, en de geallieerde aanvallen op de haven.
Om te eindigen met ‘Verloop, verval en vernietiging’.

Het boek schetst ook een beeld van de vreemde wereld tijdens de oorlog, gevorderde schepen waar wel weer ‘huur’ voor betaald werd, ombouw van schepen, herstel, gesleep van hot naar her etc.

Een zeer interessant boek, zowel voor de geïnteresseerde in schepen en scheepsbouw, als voor hen die meer willen weten over de, helaas nog veel te weinig beschreven, industriële activiteiten in de oorlogsjaren als een impliciete onderdeel van ons industrieel erfgoed.

Met veel fotomateriaal, dat in zeventig jaar amper het daglicht heeft gezien.

Een aanrader!

Rotterdam Oorlogshaven, Jac. J. Baart
€ 39,50 tot 1 november 2010 (daarna wordt de prijs € 49,50)
Walburg Pers
ISBN 978.90.5730.673.0
320 pagina’s, vele illustraties, ook in kleur.

N.B. tot 30 september is de tentoonstelling ‘Rotterdam Oorlogshaven’ nog te bezoeken in het OorlogsVerzetsmuseum in Rotterdam. (www.ovmrotterdam.nl)

Lees de rest van het artikel »

Erfgoed van Industrie en Techniek 2010/1 – Thema : Erfgoed van de oorlog

Het kan geen toeval zijn dat, nadat ik half mei de rubriek ‘Industrieel Erfgoed en Oorlog’ heb geopend op dit weblog de nieuwe uitgave van Erfgoed van Industrie en Techniek aandacht besteed aan het thema ‘Erfgoed van de oorlog’.

Het is dat je zo’n blad niet binnen 2 weken in elkaar draait, drukt en verspreid, maar anders zou je haast zeggen dat men geïnspireerd is geraakt door mijn initiatief. 🙂

Lees de rest van het artikel »

Nieuwe categorie ‘Industrieel Erfgoed en Oorlog’

‘Industrieel Erfgoed en Oorlog’, twee onderwerpen, die zelden samen met elkaar aan bod komen, maar o zo vaak met elkaar te maken hebben, want de industrie heeft een grote invloed op de oorlogsvoering (en andersom).

Lees de rest van het artikel »

De handelsreiziger van de Nederlandsche Cocaïne Fabriek

Dinsdag 19 januari j.l. bezocht ik in de lokale bibliotheek de ‘schrijverslezing’ van Conny Braam, die een toelichting gaf bij haar in oktober 2009 verschenen historische roman “De handelsreiziger van de Nederlandsche Cocaïne Fabriek”.

Toevallig had ik ooit al eens gehoord van deze fabriek, van een vriend, die mij wist te vertellen dat vlak in de buurt van mijn toenmalige werk aan de Schinkelkade in Amsterdam een cocaïnefabriek gevestigd was geweest. Dit bleek hetzelfde bedrijf geweest te zijn als waar in dit boek over gesproken wordt, want in het begin is er sprake van de verhuizing van de Schinkelade naar de Weespertrekvaart. Hij had dit ooit in ‘Ons Amsterdam’ gelezen. 

Braam_Handelsreiziger_NCF (1)

Lees de rest van het artikel »

Translate this page
    Translate to:

Meer Virtuele Fabriek
Industrieel Erfgoed en Kunst
Virtuele Fabriek op Flickr
www.flickr.com
Virtuele Fabriek's items Go to Virtuele Fabriek's photostream